Blog

Voltooid Leven door Ben Berger msc

Voltooid Leven
Voltooid Leven

Ik ben er klaar voor. Mijn leven is Voltooid?

Francoise, een bewoonster van Huize Kohlmann,  was klaar voor de dood. Ze was lid van een seculiere instituut, had als religieuze  op veel plaatsen in de wereld gewerkt. Zelfs in het  vroegere huize Kohlmann. Ze voelde dat haar tijd gekomen was. Ze lag in bed en vroeg om de ziekenzalving en de communie. En zo gebeurde. Daarna sloot ze haar ogen, vouwde haar handen en glimlachte. En bleef glimlachen. Ze was er klaar voor. Een paar dagen later overleed zij.

Waarom ik dit verhaal vertel? Er is nogal wat te doen over een nieuw wetsontwerp waarbij mensen zelf kunnen bepalen wanneer zij willen sterven. De reden wordt genoemd: Het leven is voltooid.

Nu denk ik, het leven is pas voltooid bij de dood. Niet eerder. Je kunt er wel klaar voor zijn, zoals Francoise. Haar leven was niet voltooid. Haar leven werd voltooid. Daar ben ik van overtuigd. Ons leven is nooit af. Hoe oud ik ook wordt, wat me ook overkomt, ik heb het gevoel dat ik nog steeds innerlijk kan groeien en dat dat van mij gevraagd wordt. Maar ook dat ik tot mijn dood toe nog steeds onaf zal zijn.

Ik kan dan ook best begrijpen dat sommigen overtuigd zijn van een of andere vorm van reïncarnatie. Een steeds weerkerend leven tot je – laten we zeggen – de volmaaktheid of heelheid bereikt hebt. Ik denk niet dat ik die volmaaktheid of die heelheid bij de dood bereikt zal hebben. Misschien dat heiligen dat kunnen zeggen. Maar dat weet ik niet. Ik ben niet heilig.

Waar ik wel in geloof is dat ik op het moment van de dood in de ontmoeting met God voltooid wordt. Wat ik niet kon bereiken in mijn leven zal me gegeven worden bij de dood. Dan zal God me opnieuw geboren doen worden tot degene die Hij voor ogen had, toen Hij me in het leven riep. Voltooid. Ja, dan. Dan mag ik dit lied zingen:”Neem mij aan zoals ik ben, Zuiver uit wie ik zal zijn. Druk uw zegel op mijn ziel en leef in mij”.

En vooraf? Er kan van alles gebeuren.

Lang geleden werd ik als pastor bij een oude vrouw geroepen in een van de verzorgingshuizen in Arnhem. Ze lag op bed, want ze wilde niet meer leven. Ze wilde  geen medicijnen meer. Ze wilde dood. Altijd had zij haar leven aangekund vanuit een persoonlijk gebed, met name tot de heilige Gemma Galgani, een godvruchtige vrouw die in 1940 heilig verklaard werd. Ze had een prentje van  haar boven haar bed. Maar nu was het alsof ze tegen een muur bad. Geen greintje troost of bemoediging. Daarom ging ze liever dood, dan om zo nog verder door het leven te moeten gaan.

Ik sprak met haar over hoe ze zich voelde. Over de heilige Gemma, die zo’n slechte gezondheid had als jonge vrouw dat ze niet in het klooster van de Passionistinnen kon intreden. Later kreeg zij desondanks heel veel bovennatuurlijke ervaringen.

Het was geen gemakkelijk gesprek. Luisteren, zoeken naar woorden. Voor haar en voor mij. Soms viel er een stilte. In een van die stiltes keek ik de kamer rond en zag een bijbel liggen, opengeslagen. Ook daar spraken we over. Toen ik goed keek, zag ik hoe bijzonder de plaats was waar de bijbel was opengeslagen. Een van de kleinste boekjes uit de bijbel: Het Hooglied. Een boekje waarin de liefde bezongen wordt, maar ook de verlatenheid van de afwezigheid van de beminde.

Op de opengeslagen bladzijde las ik:”’s Nachts in mijn slaap zoek ik mijn lief. Ik zoek hem, maar ik vind hem niet. Laat ik opstaan, rondgaan in de stad, laat ik in de straten en op de pleinen, zoeken naar mijn allerliefste. Ik zoek hem, maar ik vind hem niet”.

Ik las de tekst hardop aan haar voor. Verwonderd liet de vrouw mij weten:“Dat is precies wat ik voel”. Die herkenning – voelde ik – raakte haar diep. We spraken daarover nog enige tijd met elkaar. Voorzichtig vroeg ik haar of ze de communie wilde ontvangen. Zo gebeurde. Het was duidelijk zichtbaar dat een grote vrede en vreugde over haar kwam. Ik ben heel stilletjes weggegaan. Ze had haar geliefde teruggevonden.

Later hoorde ik dat ze weer was gaan eten en haar medicijnen weer innam en nog een aantal jaren geleefd heeft. Blijkbaar was ze nog niet klaar voor de dood. Was haar leven nog niet voltooid. Of beter misschien: nog niet tot voltooiing gebracht.

November 2016, Ben Bergen msc

Print Friendly, PDF & Email